De moderne mens is een economische mens. Hij drukt alles uit in geld en is voortdurend bezig zijn behoeft te bevredigen. Onze economie is derhalve ingericht op het voortbrengen van goederen die vervolgens zo snel mogelijk worden geconsumeerd om met dezelfde snelheid op de vuilnisbelt te doen belanden.
Van de week was ik op zoek naar wat begrippen over de economische mens ter voorbereiding van een nieuwe workshop over duurzaamheid. In mijn zoektocht stuitte ik op de film van Annie Leonard: The story of stuff. Ik bekeek hem weer eens en realiseerde mij wederom wat een fantastische film het is. In 20 minuten wordt ons hele economische systeem met al zijn makke aan de orde gesteld. Midden in de film constateert Leonard dat wij verworden zijn tot consumenten en dat onze enige taak is het zo snel mogelijk consumeren van producten.
Goedkoop is duurkoop
Ik kom zelf uit een boerenmilieu. Bij ons werd zo min mogelijk verspild en zoveel mogelijk hergebruikt. Mijn vader zei altijd: “Goedkoop is duurkoop” dus kregen wij nuttige spullen die gerepareerd konden worden. Kom daar nu nog maar eens om, bijna niets is meer te repareren. Alles is voor kortdurend gebruik in elkaar gezet. Als je elektronische tandenborstel kapot is dan kan je een nieuwe kopen, repareren is niet alleen veel te duur maar ook nagenoeg onmogelijk. Ik heb er nog altijd moeite mee.
Laatst was een speaker box van mijn computer kapot gegaan dus kocht ik losstaande speakers in een elektronicazaak, voor bijna niets. Mijn blijdschap dat ik voor zo weinig geld een goede oplossing voor mijn probleem had gevonden was van zeer korte duur. Onze jonge kat had al na drie dagen de draad doorgeknaagd, in wel vier stukken. Probeer dat maar eens te ruilen! Dus kon ik, met de wijze raad van mijn vader in mijn oren, weer nieuwe kopen. Wie nog een suggestie heeft hoe ik de onopenbare kastjes kan openen om de draad te repareren, mag zich melden.
Wegwerpmaatschappij
We leven in een wegwerpmaatschappij en het is zoeken met een lichtje om spullen te vinden die te repareren zijn. Het is treurig te moeten constateren dat het credo van mijn vader alleen maar schrijnender is geworden. Toch is er hoop. Nu ruim 5 jaar na het uitkomen van The Story of Stuff begint het tij te keren. Mensen pikken het niet langer om alleen maar wegwerpartikelen te kopen.
De film van Leonard is zo mooi want het laat haarfijn zien dat er iets goed scheef zit in ons systeem. Van alle grondstoffen in de aarde is een derde al opgebruikt. Slechts 1% van alles wat we kopen wordt langer dan 6 maanden gebruikt. De overige 99% gaat vroegtijdig kapot of is verouderd mede dankzij de commercie en de mode. Voor de productie van consumptieartikelen gebruiken we teveel grondstoffen, teveel synthetische chemicaliën en teveel pesticiden die op zeker moment in onze voedselketen weer tevoorschijn komen met alle gevolgen van dien voor onze gezondheid. Om nog maar te zwijgen over de verontreinigde afvalbergen die we hebben achtergelaten en de wereldwijde plundering van voor mens en dier onleefbaar geworden gebieden. En de grote vraag is of we gelukkiger zijn geworden van al dat consumeren.
De circulaire economie
Daarom is het hoogtijd dat we een nieuwe weg inslaan. Om te beginnen door meer aandacht te geven aan de circulaire economie waarbij twee elementen van belang zijn: het verhogen van de belasting op grondstoffen zodat er minder uit de grond gehaald wordt en het verlagen van de belasting op arbeid zodat repareren loont. Maatregelen die genomen dienen te worden door overheden, maar ook genomen kunnen worden als we maar willen. Als we ons niet slechts laten leiden door de grote multinationals die de macht bezitten om dergelijke voor hun nadelige maatregelen tegen te houden. We zullen wel moeten willen we de leefbaarheid op onze aarde veilig stellen en alles wat er op leeft serieus nemen.
Bekijk hier de film en oordeel zelf.
vrijdag 29 november 2013
dinsdag 19 november 2013
Wat heeft Zen met Gamen te maken?
Jaarlijks worden in Amsterdam de Uilen uitgereikt, de prijzen voor de beste games in de game-industrie. Het is een van de groeiende sectoren in onze industrie en niet meer weg te denken uit het bestaan van jongeren. Met sterrenstatus tot gevolg voor de makers van succesvolle games.
“Mam, wat voor spellen speelden jullie vroeger op de computer?” vroeg mijn zoon laatst. Ik kan er alleen maar hard om lachen. En als ik hem uitleg dat er in mijn jeugd nog geen computers waren dan weet hij dat eigenlijk ook wel. Mijn zonen zijn verzot op gamen. Zelf heb ik daar niet zoveel mee. Al dat schieten om je tegenstander te vernietigen dat roept bij mij weerstand op. Verbieden helpt niet, want dan doen ze het gewoon stiekem of bij vriendjes. Maar ik laat wel weten wat ik vind van gewelddadige spellen.
Ik hou mij in mijn werk bezig met innovatie en help organisaties inspelen op veranderingen, dus stiekem ben ik reuze geïnteresseerd in hoe mijn kinderen de digitale wereld omarmen. Tenslotte zijn zij de toekomst en daar zullen we op in moeten spelen. Hoewel ik mij geregeld afvraag of het wel verstandig is dat ze zoveel digitaal doen en of het niet ten koste gaat van hun sociale contacten en vaardigheden? Maar aan de andere kant is het voor hun verdere leven toch wel erg handig als ze er goed mee overweg kunnen, want het einde van de digitalisering is nog lang niet in zicht. Dus probeer ik het in goede banen te leiden en de balans te bewaken door iPod-, game- of computerloze dagen in te lassen.
De digitale wereld
Wat de digitale economie betreft staan we nog maar aan het begin. Toch moet het Nederlandse bedrijfsleven het hebben van de digitale ontwikkelingen en de mogelijkheden die dat biedt voor de veranderende samenleving. Door de jaren heen hebben wij veel productie overgeheveld naar lagelonenlanden en zijn wij verschoven van industrieland naar kennis- en innovatieland. Daarom ook wordt de innovatie in de digitale industrie als een van de topsectoren genoemd waar in geïnvesteerd wordt.
![]() |
| De winnende game: Reus |
moeten we slim zijn en doen waar we goed in zijn zoals kunst, architectuur, creativiteit en vrij denken. Juist deze kenmerken komen aan bod als het gaat om de game-industrie. En laten we daarin nu juist een vooraanstaande positie innemen in de wereld. Ook steeds meer vrouwen vinden emplooi in de game-industrie waardoor weer andersoortige spellen ontstaan.
Zengames
Voor mij is er ook nog hoop als het gaat om gamen. Zeer verrast was ik namelijk over de nieuwste generatie games die het daglicht zien, ook wel ‘Zengames’ genoemd. “Niet schieten maar rustig bezinnen” kopte de NRC op 14 augustus. Games die inspelen op ontwikkelingen als mindfulness, meditatie, yoga en zingeving. Concentratie is de basis van deze spellen waardoor rust, innerlijke diepgang en zelfinzicht ontstaat. Spellen die je leren omgaan met lastige situaties en een antwoord kunnen zijn op onze jachtige stressmaatschappij. Ik zie voor deze games enorme mogelijkheden voor het bedrijfsleven en gunstige effecten voor de gezondheidszorg.
Dus knijp ik nog maar eens een oogje toe als mijn jongens weer aan het gamen zijn. Binnenkort hoop ik ze te kunnen verleiden met mijn voorkeur.
Deze blog is in iets gewijzigde vorm eerder gepubliceerd op het ondernemers Platform Lach.
vrijdag 15 november 2013
Beslechten van de generatiekloof
Onze samenleving is sterk in verandering. Hoe gaat de oudere generatie daar mee om? Kunnen zij alle veranderingen wel bijbenen? En hoe gaan wij om met de generatiekloof?
Als ik bij oudere familieleden op de koffie ga dan moet ik er wel om 10 uur zijn, want bij mij in de familie worden tradities hooggehouden. Het maakt niet uit dat ik eerst een uur moet rijden voordat ik er ben, 10 uur is koffietijd. Ook worden er steevast twee kopjes koffie geserveerd. En durf niet om een derde te vragen, want alleen de blik al laat weten dat dit niet binnen de mogelijkheden hoort. Kom ik een uurtje later dan loop ik grote kans dat ik een glaasje fris krijg aangeboden, want de koffie is immers al op. Zo gaat dat in een familie met sterke tradities.
Ik ben opgevoed door de generatie waarbij wederopbouw en zelfopoffering centraal stond. Een opvoeding met duidelijk normen en waarden waarbij regels en grenzen de basis vormde. Keuzes werden gemaakt op basis van de traditie: gedegen, wel overwogen en zeker niet impulsief. De ouderen zetten de toon en geven het voorbeeld en de jongeren hebben zich daarbij neer te leggen. Zelfs nu ik volwassen ben blijf ik het kind van mijn ouders en wordt van mij gehoorzaamheid en volgzaamheid verwacht. En spring niet uit de band want dat valt niet goed. Doe maar gewoon dan doe je al gek genoeg.
Nieuwerwets eten
Nee, dan de huidige generatie voor hen is niets te gek en kiezen is verdomd lastig. Opgegroeid in een wereld van mogelijkheden, van tientallen tv-zenders, shampoos, frisdranken en niet te vergeten de computer. Een enorme keuzevrijheid waar zelfs ik wel eens jaloers op kan zijn. Mijn kinderen vragen wel eens: “Mam, wat voor spellen deed jij vroeger op de computer?” Inmiddels weten ze wel dat de eerste computer zijn intrede deed toen ik al ver in de twintig was, maar toch.
Dat met traditie niet te spotten valt en generatiekloven blijven bestaan blijkt ook uit de eetgewoonten van oudere generaties. Mijn tuin staat vol met courgettes dus bracht ik er een mee voor mijn tante. “O dank je wel”, zei ze. Na enige aarzeling, want een gegeven paard mag je niet in de bek zien, voegde ze er toch aan toe “wat is het eigenlijk en wat moet ik er mee doen?” Dom natuurlijk dat ik er niet bij stil gestaan heb dat dit een nieuwerwetse groente is.
Tijdens het tweede kopje koffie vertelde ze hoe ze genoten had van haar cruise naar Scandinavië met haar dochter. Alleen het eten was haar erg tegengevallen. Terwijl haar dochter, mijn nicht dus, de dag ervoor aan de telefoon juist zo enthousiast was over de grote variëteit aan eten. Zo zie je maar weer smaken verschillen, zelfs tussen generaties. Toen ik haar vroeg waarom het eten niet lekker was reageerde ze: “Het was allemaal zo vreemd, ik heb geen eens aardappelen gezien!” Eigenlijk was ik daar heel verbaasd over omdat ze ieder jaar op vakantie gaat naar het buitenland. “Had ze dan altijd aardappelen meegenomen?” vroeg ik mij in stilte af.
Polarisatie
Hoe gaan de ouderen om met alle veranderingen? Tegenwoordig hebben ook zij allemaal wel een PC en een mobiele telefoon. Waar vroeger de dames gingen handwerken en de mannen biljarten of kaarten en een sigaar roken zijn de ouderen nu massaal op computerles en ontdekken ze hoe makkelijk het is om te skypen met (klein)kinderen, waar ook ter wereld. Toch is de oudere generatie door de crisis ook onzeker geworden. Geregeld hoor ik zeer verontwaardigde reacties over hoe ze links en rechts gekort worden. Immers zij hebben ervoor gezorgd dat de wederopbouw succesvol was en dat er vanaf de jaren ’60 sprake was van enorme welvaartsgroei.
De hang naar het verleden en de behoefte te behouden wat we hebben vertaalt zich ook in de politiek. Uitermate jammer en ongelukkig vind ik de opkomst van de ouderenpartijen zoals 50Plus. Dit leidt alleen maar tot nog meer polarisatie in onze samenleving naast die van autochtoon versus allochtoon. Jongeren en ouderen worden hiermee tegen elkaar uitgespeeld. Een slechte ontwikkeling. Kunnen we binnenkort de oprichting van een jongerenpartij verwachten?
Nieuw mensbeeld
We beginnen er goed van doordrongen te raken dat onze verzorgingsstaat onbetaalbaar is geworden en dat er alternatieven moeten komen. Hoewel de term participatiesamenleving een hoop weerstand oproept is dat toch de weg die we moeten inslaan. Daar zullen ook de ouderen aan moeten bijdragen. De tijd is voorbij dat zij op hun oude dag onbekommerd in luxe verzorgd worden. Het is simpelweg niet meer op te brengen.
Gelukkig heeft de meerderheid van de pensioengerechtigde generatie het beter dan ooit tevoren, dus kunnen ze best wat extra bijdragen. Punt is alleen dat de knop nog even om moet. En dat is heel erg lastig zeker voor een generatie die is opgegroeid met een sterke traditie en een totaal ander mensbeeld. Daar was hard werken de norm en werd je afgemeten aan de baan die je had. Nu is het nog maar de vraag of de huidige generatie hun pensioengerechtigde leeftijd wekend zullen behalen.
Tijd voor een nieuw mensbeeld waarbij iedereen telt, zonder aanzien des persoons, zonder terug te kijken naar het verleden van hoe het toen was, maar met een nieuw perspectief op de toekomst. Alleen als we samenwerken kunnen we de enorme verandering waar we voor staan realiseren.
Als ik bij oudere familieleden op de koffie ga dan moet ik er wel om 10 uur zijn, want bij mij in de familie worden tradities hooggehouden. Het maakt niet uit dat ik eerst een uur moet rijden voordat ik er ben, 10 uur is koffietijd. Ook worden er steevast twee kopjes koffie geserveerd. En durf niet om een derde te vragen, want alleen de blik al laat weten dat dit niet binnen de mogelijkheden hoort. Kom ik een uurtje later dan loop ik grote kans dat ik een glaasje fris krijg aangeboden, want de koffie is immers al op. Zo gaat dat in een familie met sterke tradities.
Ik ben opgevoed door de generatie waarbij wederopbouw en zelfopoffering centraal stond. Een opvoeding met duidelijk normen en waarden waarbij regels en grenzen de basis vormde. Keuzes werden gemaakt op basis van de traditie: gedegen, wel overwogen en zeker niet impulsief. De ouderen zetten de toon en geven het voorbeeld en de jongeren hebben zich daarbij neer te leggen. Zelfs nu ik volwassen ben blijf ik het kind van mijn ouders en wordt van mij gehoorzaamheid en volgzaamheid verwacht. En spring niet uit de band want dat valt niet goed. Doe maar gewoon dan doe je al gek genoeg.
Nieuwerwets eten
Nee, dan de huidige generatie voor hen is niets te gek en kiezen is verdomd lastig. Opgegroeid in een wereld van mogelijkheden, van tientallen tv-zenders, shampoos, frisdranken en niet te vergeten de computer. Een enorme keuzevrijheid waar zelfs ik wel eens jaloers op kan zijn. Mijn kinderen vragen wel eens: “Mam, wat voor spellen deed jij vroeger op de computer?” Inmiddels weten ze wel dat de eerste computer zijn intrede deed toen ik al ver in de twintig was, maar toch.
Dat met traditie niet te spotten valt en generatiekloven blijven bestaan blijkt ook uit de eetgewoonten van oudere generaties. Mijn tuin staat vol met courgettes dus bracht ik er een mee voor mijn tante. “O dank je wel”, zei ze. Na enige aarzeling, want een gegeven paard mag je niet in de bek zien, voegde ze er toch aan toe “wat is het eigenlijk en wat moet ik er mee doen?” Dom natuurlijk dat ik er niet bij stil gestaan heb dat dit een nieuwerwetse groente is.
Tijdens het tweede kopje koffie vertelde ze hoe ze genoten had van haar cruise naar Scandinavië met haar dochter. Alleen het eten was haar erg tegengevallen. Terwijl haar dochter, mijn nicht dus, de dag ervoor aan de telefoon juist zo enthousiast was over de grote variëteit aan eten. Zo zie je maar weer smaken verschillen, zelfs tussen generaties. Toen ik haar vroeg waarom het eten niet lekker was reageerde ze: “Het was allemaal zo vreemd, ik heb geen eens aardappelen gezien!” Eigenlijk was ik daar heel verbaasd over omdat ze ieder jaar op vakantie gaat naar het buitenland. “Had ze dan altijd aardappelen meegenomen?” vroeg ik mij in stilte af.
Polarisatie
Hoe gaan de ouderen om met alle veranderingen? Tegenwoordig hebben ook zij allemaal wel een PC en een mobiele telefoon. Waar vroeger de dames gingen handwerken en de mannen biljarten of kaarten en een sigaar roken zijn de ouderen nu massaal op computerles en ontdekken ze hoe makkelijk het is om te skypen met (klein)kinderen, waar ook ter wereld. Toch is de oudere generatie door de crisis ook onzeker geworden. Geregeld hoor ik zeer verontwaardigde reacties over hoe ze links en rechts gekort worden. Immers zij hebben ervoor gezorgd dat de wederopbouw succesvol was en dat er vanaf de jaren ’60 sprake was van enorme welvaartsgroei.
De hang naar het verleden en de behoefte te behouden wat we hebben vertaalt zich ook in de politiek. Uitermate jammer en ongelukkig vind ik de opkomst van de ouderenpartijen zoals 50Plus. Dit leidt alleen maar tot nog meer polarisatie in onze samenleving naast die van autochtoon versus allochtoon. Jongeren en ouderen worden hiermee tegen elkaar uitgespeeld. Een slechte ontwikkeling. Kunnen we binnenkort de oprichting van een jongerenpartij verwachten?
Nieuw mensbeeld
We beginnen er goed van doordrongen te raken dat onze verzorgingsstaat onbetaalbaar is geworden en dat er alternatieven moeten komen. Hoewel de term participatiesamenleving een hoop weerstand oproept is dat toch de weg die we moeten inslaan. Daar zullen ook de ouderen aan moeten bijdragen. De tijd is voorbij dat zij op hun oude dag onbekommerd in luxe verzorgd worden. Het is simpelweg niet meer op te brengen.
Gelukkig heeft de meerderheid van de pensioengerechtigde generatie het beter dan ooit tevoren, dus kunnen ze best wat extra bijdragen. Punt is alleen dat de knop nog even om moet. En dat is heel erg lastig zeker voor een generatie die is opgegroeid met een sterke traditie en een totaal ander mensbeeld. Daar was hard werken de norm en werd je afgemeten aan de baan die je had. Nu is het nog maar de vraag of de huidige generatie hun pensioengerechtigde leeftijd wekend zullen behalen.
Tijd voor een nieuw mensbeeld waarbij iedereen telt, zonder aanzien des persoons, zonder terug te kijken naar het verleden van hoe het toen was, maar met een nieuw perspectief op de toekomst. Alleen als we samenwerken kunnen we de enorme verandering waar we voor staan realiseren.
woensdag 30 oktober 2013
Het hek is van de dam
“Hé Jolanda, heb je het al gelezen? Zwitserland gaat het basisinkomen invoeren.” Van alle kanten werd ik door vrienden en bekenden gewezen op de berichten uit Zwitserland. Het geeft een goed gevoel dat de tamtam die ik gemaakt heb over basisinkomen in ieder geval is aangekomen.
In een binnenkort te houden referendum krijgen alle Zwitsers de gelegenheid zich uit te spreken over de invoering van het onvoorwaardelijk basisinkomen. Vooral de hoogte van het bedrag doet het buitenland opveren. Ook in ons land duikt de media er bovenop. Zwitserland wil het basisinkomen invoeren ter hoogte van een maandelijks uit te keren bedrag van 2500 Zwitserse Franken. Omgerekend in euro’s is dat een behoorlijk bedrag namelijk € 2030,-.
“Ik ga emigreren”, gaf een van mijn vrienden aan, “van zo’n bedrag kan ik prima leven”. Maar helaas heeft hij pech want zo’n vaart loopt het nog niet in Zwitserland, het gaat namelijk om een referendum en dat zal pas het begin zijn van de weg er naartoe. Ook is de hoogte van het bedrag relatief, want de kosten voor levensonderhoud zijn er aanzienlijk hoger. En daarnaast speelt nog mee dat je als buitenlander Zwitserland niet zo maar binnen komt.
Gratis geld maakt gelukkig
Een artikel dat behoorlijk wat stof deed opwaaien was dat van Rutger Bregman van de Correspondent. De titel: “Waarom we iedereen gratis geld moeten geven”, maakte verhitte discussies los waarbij voor- en tegenstanders elkaar met allerlei argumenten om de oren sloegen. Op zeker moment kwam zelfs de uitspraak “Geen gezeik, iedereen rijk” van Koot & Bie voorbij.
Het artikel laat vooral zien welke experimenten er wereldwijd en door de jaren heen zijn geweest met de invoering van een al dan niet beperkt basisinkomen. In London hebben zwervers betere kansen gekregen, waarbij de gemeenschap nog goedkoper uit was ook. Maar ook voorbeelden in Kenia, Namibië, Malawi, India, Mexico, Brazilië en zelfs in Canada laten stuk voor stuk positieve resultaten zien. Met ‘gratis’ geld worden mensen ineens in staat gesteld om hun droom waar te maken. Of het geld nu gratis is of niet, net iets meer armslag hebben uit onverwachte hoek maakt weldegelijk gelukkig blijkt uit allerlei voorbeelden.
Onderzoeksgegevens uit Zwitserland
Gelijktijdig met de berichten over het referendum komt de Technische Hogeschool ETH uit Zürich met onderzoeksgegevens over het basisinkomen naar buiten. De ETH onderzocht de achtergrond van de tegenstelling tussen de voor- en tegenstanders van het onvoorwaardelijk basisinkomen. De conclusie van het onderzoek wijst uit dat de manier waarop mensen aankijken tegen rechtvaardigheidsgevoel en hun drijfveer en doel in het leven, bepaalt of ze voor of tegen een onvoorwaardelijk basisinkomen zijn.
De voorstanders van het onvoorwaardelijk basisinkomen vinden vooral gelijkheid in de samenleving en persoonlijke groei belangrijk. Terwijl de tegenstanders vooral waarde hechten aan rijkdom, imago en persoonlijk prestige en daarmee de ongelijkheid tussen individuen als gegeven beschouwen als deze gebaseerd is op individuele prestaties. Het onderzoek liet ook zien dat over het algemeen de tegenstanders betere banen hadden en een hoger inkomen genoten.
Participatiesamenleving
Dat de sociale zekerheid sterk verbonden is met arbeid blijkt vooral uit onze uitkeringen. Iemand krijgt een werkloosheidsuitkering als zijn werk wegvalt en het pensioen is opgebouwd vanuit arbeid. Vervalt iemand in de bijstand dan blijft beschikbaarheid voor de arbeidsmarkt het uitgangspunt. Juist de sociale zekerheid is sterk aan verandering onderhevig. Enerzijds staat de betaalbaarheid onder druk en aan de andere kant is de arbeidsmarkt uiterst onzeker aan het worden.
De toekomst van arbeid is een belangrijk motief achter de invoering van een basisinkomen. De tegenstanders zeggen: “je moet werken voor je geld” dus van ‘gratis’ geld kan geen sprake zijn. Maar juist de voorstanders kijken naar gelijkheid in de samenleving en ontplooiing van het individu. In mijn ogen de enige juiste houding om naar een participatiesamenleving te komen.
Interview voor Radio2
Dat mensen mij inmiddels ook weten te vinden als het gaat om basisinkomen is de afgelopen week weer bevestigd. Ik was voor mijn partij De Groenen (groot voorstander van het basisinkomen) afgereisd naar het Euro Parlement in Straatsburg voor een bezoek aan de Europese Groenen in verband met de Europese verkiezingen van 2014. Uitslapen in het hotel was er niet bij want om kwart voor 7 werd ik gebeld door Wendy Beenakker van het programma “De Heer ontwaakt” op radio2 met de vraag of ik commentaar wilde geven op het referendum over het basisinkomen in Zwitserland. Een leuk interview op Radio2 was het gevolg waarbij ik het belang van het EU Burgerinitiatief Basisinkomen in brede kring onder de aandacht kon brengen.
Kortom: hoewel we nog lang niet de benodigde handtekeningen hebben voor het burgerinitiatief basisinkomen neemt de belangstelling zienderogen toe, vooral ingegeven door de beschikbaarheid van onderzoeken en voorbeelden. En dat is absoluut goed nieuws. Wat mij betreft moet het er nu maar van gaan komen. Willen we belangrijke ontwikkelingen in ons bestaan in goede banen leiden dan hebben we instrumenten nodig om dat mogelijk te maken. Het basisinkomen is zo’n instrument, zeker geen doel op zich, maar een hulpmiddel om onze wereld te helpen omvormen. Help mee de hekken wagenwijd open te zetten!
Teken hier het Burgerinitiatief Basisinkomen.
“Ik ga emigreren”, gaf een van mijn vrienden aan, “van zo’n bedrag kan ik prima leven”. Maar helaas heeft hij pech want zo’n vaart loopt het nog niet in Zwitserland, het gaat namelijk om een referendum en dat zal pas het begin zijn van de weg er naartoe. Ook is de hoogte van het bedrag relatief, want de kosten voor levensonderhoud zijn er aanzienlijk hoger. En daarnaast speelt nog mee dat je als buitenlander Zwitserland niet zo maar binnen komt.
Gratis geld maakt gelukkig
Een artikel dat behoorlijk wat stof deed opwaaien was dat van Rutger Bregman van de Correspondent. De titel: “Waarom we iedereen gratis geld moeten geven”, maakte verhitte discussies los waarbij voor- en tegenstanders elkaar met allerlei argumenten om de oren sloegen. Op zeker moment kwam zelfs de uitspraak “Geen gezeik, iedereen rijk” van Koot & Bie voorbij.
Het artikel laat vooral zien welke experimenten er wereldwijd en door de jaren heen zijn geweest met de invoering van een al dan niet beperkt basisinkomen. In London hebben zwervers betere kansen gekregen, waarbij de gemeenschap nog goedkoper uit was ook. Maar ook voorbeelden in Kenia, Namibië, Malawi, India, Mexico, Brazilië en zelfs in Canada laten stuk voor stuk positieve resultaten zien. Met ‘gratis’ geld worden mensen ineens in staat gesteld om hun droom waar te maken. Of het geld nu gratis is of niet, net iets meer armslag hebben uit onverwachte hoek maakt weldegelijk gelukkig blijkt uit allerlei voorbeelden.
Onderzoeksgegevens uit Zwitserland
Gelijktijdig met de berichten over het referendum komt de Technische Hogeschool ETH uit Zürich met onderzoeksgegevens over het basisinkomen naar buiten. De ETH onderzocht de achtergrond van de tegenstelling tussen de voor- en tegenstanders van het onvoorwaardelijk basisinkomen. De conclusie van het onderzoek wijst uit dat de manier waarop mensen aankijken tegen rechtvaardigheidsgevoel en hun drijfveer en doel in het leven, bepaalt of ze voor of tegen een onvoorwaardelijk basisinkomen zijn.
![]() |
| ETH: Wat zou jij doen met een basisinkomen? |
De voorstanders van het onvoorwaardelijk basisinkomen vinden vooral gelijkheid in de samenleving en persoonlijke groei belangrijk. Terwijl de tegenstanders vooral waarde hechten aan rijkdom, imago en persoonlijk prestige en daarmee de ongelijkheid tussen individuen als gegeven beschouwen als deze gebaseerd is op individuele prestaties. Het onderzoek liet ook zien dat over het algemeen de tegenstanders betere banen hadden en een hoger inkomen genoten.
Participatiesamenleving
Dat de sociale zekerheid sterk verbonden is met arbeid blijkt vooral uit onze uitkeringen. Iemand krijgt een werkloosheidsuitkering als zijn werk wegvalt en het pensioen is opgebouwd vanuit arbeid. Vervalt iemand in de bijstand dan blijft beschikbaarheid voor de arbeidsmarkt het uitgangspunt. Juist de sociale zekerheid is sterk aan verandering onderhevig. Enerzijds staat de betaalbaarheid onder druk en aan de andere kant is de arbeidsmarkt uiterst onzeker aan het worden.
De toekomst van arbeid is een belangrijk motief achter de invoering van een basisinkomen. De tegenstanders zeggen: “je moet werken voor je geld” dus van ‘gratis’ geld kan geen sprake zijn. Maar juist de voorstanders kijken naar gelijkheid in de samenleving en ontplooiing van het individu. In mijn ogen de enige juiste houding om naar een participatiesamenleving te komen.
Interview voor Radio2
Dat mensen mij inmiddels ook weten te vinden als het gaat om basisinkomen is de afgelopen week weer bevestigd. Ik was voor mijn partij De Groenen (groot voorstander van het basisinkomen) afgereisd naar het Euro Parlement in Straatsburg voor een bezoek aan de Europese Groenen in verband met de Europese verkiezingen van 2014. Uitslapen in het hotel was er niet bij want om kwart voor 7 werd ik gebeld door Wendy Beenakker van het programma “De Heer ontwaakt” op radio2 met de vraag of ik commentaar wilde geven op het referendum over het basisinkomen in Zwitserland. Een leuk interview op Radio2 was het gevolg waarbij ik het belang van het EU Burgerinitiatief Basisinkomen in brede kring onder de aandacht kon brengen.
Kortom: hoewel we nog lang niet de benodigde handtekeningen hebben voor het burgerinitiatief basisinkomen neemt de belangstelling zienderogen toe, vooral ingegeven door de beschikbaarheid van onderzoeken en voorbeelden. En dat is absoluut goed nieuws. Wat mij betreft moet het er nu maar van gaan komen. Willen we belangrijke ontwikkelingen in ons bestaan in goede banen leiden dan hebben we instrumenten nodig om dat mogelijk te maken. Het basisinkomen is zo’n instrument, zeker geen doel op zich, maar een hulpmiddel om onze wereld te helpen omvormen. Help mee de hekken wagenwijd open te zetten!
Teken hier het Burgerinitiatief Basisinkomen.
maandag 30 september 2013
Vrouwen Vrede en Recht
Het Vredespaleis in Den Haag bestaat dit jaar 100 jaar en is wereldwijd uitgegroeid tot een tastbaar symbool van Vrede en Recht. De Oostenrijkse vredesactiviste Bertha von Suttner, heeft een belangrijke invloed gehad bij de totstandkoming van het Vredespaleis. Hoe is het na honderd jaar gesteld met de positie van vrouwen op het terrein van Vrede en Recht?
Tijdens de eerste Vredes- conferentie die in 1899 in Den Haag werd gehouden was Bertha von Suttner aanwezig als toeschouwer. Hoewel zij toen al jaren actief was in de vredesbeweging mocht zij als vrouw niet aan de officiële conferentie deelnemen. Daarom organiseerde zij een Salon voor vredesactivisten in het Kurhaus in Scheveningen. In haar voetsporen vond 21 september 2013 een Salon plaats getiteld: “Vrouwen, Vrede en Recht”, enerzijds om de stand van zaken rondom de vredesbeweging te bediscussiëren en anderzijds om een resolutie op te stellen met conclusies en actiepunten.
In 1905 werd het werk van von Suttner erkend en ontving zij als eerste vrouw de Nobelprijs voor de Vrede. Zij wordt met name geroemd om haar boek “Die Waffen nieder” uit 1889. Hierin neemt zij stelling tegen het militarisme en is pleitbezorger voor de vreedzame aanpak van conflicten. Ook is zij een fel voorstander van Europese samenwerking om oorlog in Europa uit te bannen. Nog altijd is haar gedachtegoed relevant en actueel.
Het recht van vrouwen
In honderd jaar is er zeker wat gebeurd ten aanzien van de rechtspositie van vrouwen. Mocht toentertijd Bertha von Suttner niet officieel deelnemen, thans is dat geen enkel probleem en zijn veel vrouwen actief in de vredesbeweging. Ook het vrouwenkiesrecht was nog niet ingevoerd, dat gebeurde pas in 1917. De rechtspositie van vrouwen wordt pas echt beter als in 1957 vrouwen handelingsbekwaam verklaard worden. Maar tot op de dag van vandaag is er nog een lange weg te gaan voor de gelijkheid van vrouwen ten opzichte van mannen.
Nog altijd verdienen vrouwen in vergelijkbare functies en omstandigheden minder dan mannen, terwijl ze vaak hoger opgeleid zijn. Toch weten zij hun voorsprong op dit gebied niet afdoende te benutten. Vrouwen werken ook vaker dan mannen in deeltijdbanen. Een belangrijke vooruitgang is dat het aantal vrouwen dat in eigen onderhoud kan voorzien nog sterk stijgt.
Salon in het Kurhaus
De Salon werd aangevangen door Bertha von Suttner, vertolkt door actrice Anita Poolman, die terugblikte op haar leven en alle aanwezigen een vruchtvolle Salon toewenste. Na een aantal korte inleidingen door vertegenwoordigers van de initiatiefnemende organisaties werden aan 11 ronde tafels verschillende thema’s behandeld. Ik mocht zelf een van de tafels voorzitten met het onderwerp “Onvoorwaardelijk Basisinkomen” alwaar een pittige discussie plaatsvond.
Het aantal conclusies en actiepunten is te omvangrijk om hier te vermelden. Een aantal observaties wil ik toch met u delen. Een van de tafels had tot doel het gedachtegoed van Bertha von Suttner in moderne vorm in ere te houden. Het actiepunt was zeer verrassend. Het betreft een oproep aan alle ontwikkelaars van computergames om in plaats van gewelddadige spellen games te ontwikkelen waarbij ontwapening centraal staat. Een conclusie van een andere tafel was dat sinds 9/11 het aandachtspunt van veiligheid in de wereld van landen in oorlogssituaties verschoven is naar de veiligheid van het Westen. Hierbij zijn vooral de kwetsbare groepen als vrouwen en kinderen de dupe.
Vrouwen en democratie
De conclusie van mijn eigen tafel was: het basisinkomen is een fantastisch instrument dat vooral recht doet aan vrouwen en wat de mogelijkheid biedt om van verzorgingsstaat naar participatiesamenleving te komen met een flinke impuls voor een nieuwe duurzame economie. Als actiepunt riep onze tafel op om het burgerinitiatief basisinkomen te ondertekenen zodat het door de politiek serieus genomen wordt.
De tafel waar vrouwen en democratie centraal stond kwamen tot de conclusie dat vrouwenzaken nog altijd belangrijk zijn en dat vrouwen vooral solidair naar elkaar moeten zijn. In plaats van elkaar in de haren te vliegen is het verstandiger de energie te bundelen en in te zetten voor een veilige, solidaire, duurzame planeet.
Op naar de volgende Salon
De resolutie werd overhandigd aan Anne Lay, voorzitter van het Defensie Vrouwen Netwerk (DVN), zij verving de Minister van Defensie Jeanine Hennis-Plasschaert, die zich liet verontschuldigen. Zij beloofde de deelnemers aan de Salon de conclusies en actiepunten breed onder de aandacht te brengen.
De initiatiefnemers waren zeer ingenomen met de uitkomsten van de Salon, zij gaven aan dat de Salon niet op zichzelf staat maar een vervolg gaat krijgen. We zijn benieuwd.
Tijdens de eerste Vredes- conferentie die in 1899 in Den Haag werd gehouden was Bertha von Suttner aanwezig als toeschouwer. Hoewel zij toen al jaren actief was in de vredesbeweging mocht zij als vrouw niet aan de officiële conferentie deelnemen. Daarom organiseerde zij een Salon voor vredesactivisten in het Kurhaus in Scheveningen. In haar voetsporen vond 21 september 2013 een Salon plaats getiteld: “Vrouwen, Vrede en Recht”, enerzijds om de stand van zaken rondom de vredesbeweging te bediscussiëren en anderzijds om een resolutie op te stellen met conclusies en actiepunten.
In 1905 werd het werk van von Suttner erkend en ontving zij als eerste vrouw de Nobelprijs voor de Vrede. Zij wordt met name geroemd om haar boek “Die Waffen nieder” uit 1889. Hierin neemt zij stelling tegen het militarisme en is pleitbezorger voor de vreedzame aanpak van conflicten. Ook is zij een fel voorstander van Europese samenwerking om oorlog in Europa uit te bannen. Nog altijd is haar gedachtegoed relevant en actueel.
Het recht van vrouwen
In honderd jaar is er zeker wat gebeurd ten aanzien van de rechtspositie van vrouwen. Mocht toentertijd Bertha von Suttner niet officieel deelnemen, thans is dat geen enkel probleem en zijn veel vrouwen actief in de vredesbeweging. Ook het vrouwenkiesrecht was nog niet ingevoerd, dat gebeurde pas in 1917. De rechtspositie van vrouwen wordt pas echt beter als in 1957 vrouwen handelingsbekwaam verklaard worden. Maar tot op de dag van vandaag is er nog een lange weg te gaan voor de gelijkheid van vrouwen ten opzichte van mannen.
Nog altijd verdienen vrouwen in vergelijkbare functies en omstandigheden minder dan mannen, terwijl ze vaak hoger opgeleid zijn. Toch weten zij hun voorsprong op dit gebied niet afdoende te benutten. Vrouwen werken ook vaker dan mannen in deeltijdbanen. Een belangrijke vooruitgang is dat het aantal vrouwen dat in eigen onderhoud kan voorzien nog sterk stijgt.
Salon in het Kurhaus
De Salon werd aangevangen door Bertha von Suttner, vertolkt door actrice Anita Poolman, die terugblikte op haar leven en alle aanwezigen een vruchtvolle Salon toewenste. Na een aantal korte inleidingen door vertegenwoordigers van de initiatiefnemende organisaties werden aan 11 ronde tafels verschillende thema’s behandeld. Ik mocht zelf een van de tafels voorzitten met het onderwerp “Onvoorwaardelijk Basisinkomen” alwaar een pittige discussie plaatsvond.
Het aantal conclusies en actiepunten is te omvangrijk om hier te vermelden. Een aantal observaties wil ik toch met u delen. Een van de tafels had tot doel het gedachtegoed van Bertha von Suttner in moderne vorm in ere te houden. Het actiepunt was zeer verrassend. Het betreft een oproep aan alle ontwikkelaars van computergames om in plaats van gewelddadige spellen games te ontwikkelen waarbij ontwapening centraal staat. Een conclusie van een andere tafel was dat sinds 9/11 het aandachtspunt van veiligheid in de wereld van landen in oorlogssituaties verschoven is naar de veiligheid van het Westen. Hierbij zijn vooral de kwetsbare groepen als vrouwen en kinderen de dupe.
Vrouwen en democratie
De conclusie van mijn eigen tafel was: het basisinkomen is een fantastisch instrument dat vooral recht doet aan vrouwen en wat de mogelijkheid biedt om van verzorgingsstaat naar participatiesamenleving te komen met een flinke impuls voor een nieuwe duurzame economie. Als actiepunt riep onze tafel op om het burgerinitiatief basisinkomen te ondertekenen zodat het door de politiek serieus genomen wordt.
![]() |
| Jolanda, Hanneke, Gerda |
Op naar de volgende Salon
De resolutie werd overhandigd aan Anne Lay, voorzitter van het Defensie Vrouwen Netwerk (DVN), zij verving de Minister van Defensie Jeanine Hennis-Plasschaert, die zich liet verontschuldigen. Zij beloofde de deelnemers aan de Salon de conclusies en actiepunten breed onder de aandacht te brengen.
De initiatiefnemers waren zeer ingenomen met de uitkomsten van de Salon, zij gaven aan dat de Salon niet op zichzelf staat maar een vervolg gaat krijgen. We zijn benieuwd.
Abonneren op:
Posts (Atom)












