Pagina's

dinsdag 15 september 2009

Wat heeft koffie met geluk te maken?

Het is genoegzaam bekend dat koffie het gevoel van geluk beïnvloed, dat het een oppepper geeft, de oplettendheid verhoogt en ons vriendelijk stemt. Kortom koffie heeft invloed op ons geluksgevoel. Maar de Amerikaan Michael Gates Gill is pas echt gelukkiger geworden van koffie. Hij schreef er een boek over getiteld: Hoe Starbucks mijn redding werd.

Vorige week was ik weer eens ouderwets aan het struinen bij de Slegte. Op de afdeling “economie” kwam ik het boek van Michael Gill tegen. Ik had ooit gehoord dat Starbucks, de keten van koffiewinkels uit de Verenigde Staten, zijn personeel goed behandeld, dus het leek mij interessant om daar meer over te weten. Het bleek echter een biografie van een man die ooit een hoge positie bekleedde in de reclamewereld en volledig aan de grond geraakt een eenvoudige baan bij Starbucks aanvaardde. Het veranderde zijn leven.

Het boek leest als een trein en ik kon eigenlijk niet geloven wat ik las. Het had iets weg van een verhaal als “Alleen op de wereld”, ik dacht in eerste instantie aan een marketingtruc. Maar het bleek toch waar te zijn, getuige de zeer serieuze filmpjes op internet. Hoewel het dus niet echt over het concern Starbucks ging raakte ik toch geïntrigeerd. Iemand die zichzelf zo bloot durft te geven is heel bijzonder.

Wat Gill vooral ontdekte over zichzelf is de eenzijdige blik die hij op de wereld had gebaseerd op zijn achtergrond en sociale klasse. Hij had in het verleden nogal neerbuigend gedaan naar mensen van andere achtergrond. Diversiteit is iets dat ieder bedrijf onderschrijft (vooral als de overheid meekijkt) maar niemand daadwerkelijk in praktijk brengt, zegt hij achteraf. Onbekend maakt onbemind, dus vooral als je dagelijks met iemand moet samenwerken nemen we liever iemand aan van dezelfde cultuur en achtergrond. Gill zag in dat hij veel mensen daardoor nooit een eerlijke kans heeft gegeven. En nu werkt hij voor een jonge zwarte vrouw van totaal andere komaf. Een wereld ging voor hem open en hij moest bekennen dat hij zich er veel gelukkiger onder voelde.

Gill was er van overtuigd dat zijn toppositie in de reclamewereld en bijbehorend salaris de beloning waren voor zijn grote talent en zijn harde werken. Terwijl bij nader inzien zijn status en succes in de schoot geworpen waren door zijn afkomst en huidskleur. Hij moest toegeven dat het ophouden van die status hem jarenlang enorm veel energie gekost had. Jarenlang waren alleen macht en aanzien belangrijke succesfactoren en angst een sterke motivator en nu werd Gill geconfronteerd met het tegenovergestelde. Een schokkende en confronterende ervaring.

Het gevoel om nuttig te zijn, respect te krijgen, niet meer de schijn te hoeven ophouden geeft meer vreugde dan al het geld dat hij voorheen verdiende en de status en aanzien die hij had. Daarnaast is Gill zeer positief over de arbeidsvoorwaarden van Starbucks en ook over de arbeidsomstandigheden is hij niet negatief. Enkele kenmerken van de Starbucks bedrijfscultuur:
· Medewerkers geven elkaar geen opdrachten, maar vragen de ander of ze iets willen doen
· Medewerkers heten partners
· Gratis gezondheidszorg en onderwijs voor iedereen
· De partners komen op de eerst plaats daarna pas de klant
· Iedereen hoort respectvol met elkaar om te gaan
· Gelijke kansen voor iedereen.

Toch lijkt het een eenzijdig verhaal omdat Starbucks ook veel kritiek krijgt juist op de punten van arbeidsomstandigheden en -voorwaarden. Na een beetje googlen ontdekte ik twee kanten aan de medaille. Er zijn duidelijke voorstanders en tegenstanders van het concern. Starbucks gaat er prat op dat ze zo goed voor hun medewerkers zorgen, maar ondertussen toonden ze hun machtspositie aan de inkoopkant en werden de koffieboeren zwaar onder druk gezet om goedkoop te leveren. Zo zou Starbucks over de ruggen van mensen een “vals Bohemien gevoel” verkopen, was een van de kritische noten. Om de kritiek het hoofd te bieden zijn ze overstag gegaan. Inmiddels koopt het concern duurzame FairTrade koffie in, waarvoor ze een reclamecampagne hebben uitgevoerd, wat ze voorheen nooit deden.

Een andere kritische noot komt uit de hoek van Naomi Klein in haar boek No Logo, die genadeloos kritisch is op veel multinationals en daarmee ook op Starbucks. Onlangs kwam Starbucks nog in het nieuws omdat ze ontvangen fooien met terugwerkende kracht aan de partners uit moeten betalen.

Dus wat is er nu waar? Laten we vooral kritisch blijven en voortdurend vragen blijven stellen. Feit is dat Michael Gates Gill heel gelukkig is geworden in zijn functie van Barista bij Starbucks. Het gaat er dus niet om hoe de publieke opinie is, want die is al gauw vertekend, en als een bepaalde perceptie wordt overgenomen door een enkeling kan het al gauw een olievlekwerking tot gevolg hebben. Veel mensen papagaaien elkaar na, zonder de achtergronden te kennen en zonder na te denken over de consequenties. Het gaat er vooral om hoe een individu het ervaart. Zoveel mensen, zoveel smaken. Net als Starbucks en vele van zijn fans aangeeft: de koffie van Starbucks is een beleving.

Inmiddels geeft Gill veel lezingen aan het bedrijfsleven. De belangrijkste boodschap die hij mensen meegeeft is dat het leven onvoorspelbaar is en door iets onvoorziens een totaal ander wending kan krijgen. Hij raadt ook iedereen aan om een “open mind” te hebben en buiten de gangbare paden te kijken en te denken, dat verrijkt je leven.

Voor mij had het lezen van het boek nog een bijkomend opvoedkundig element. Mijn zoon was namelijk zeer onder de indruk dat ik binnen twee dagen meer dan tweehonderd bladzijden heb gelezen. Hij vindt lezen een verplichting waarbij iedere bladzijde telt. Opvoeden is het goede voorbeeld geven. Ik ben ervan overtuigd dat hij lezen ooit leuk gaat vinden.

donderdag 10 september 2009

Een bonus van maximaal een jaarsalaris

Welk een uitzonderlijke prestatie moet iemand leveren om een bonus van een jaarsalaris te ontvangen? En dan nog wel het jaarsalaris van het kaliber bankier.

Een nobel streven van de Nederlandse overheid om de bonuscultuur aan te pakken, maar of het gaat lukken is nog maar de vraag. “Dan verhogen we toch gewoon het vaste inkomen” was een eerste reactie van een bankier naar aanleiding van de voorgenomen reguleringsmaatregel. Een andere reactie: “Bankiers zijn veel slimmer en kunnen sneller schakelen dan ambtenaren die moeten handhaven”. Weer een ander reageerde met: “Het is palingen vangen in een emmer snot”. En van mensen met deze mentaliteit en houding zijn wij en het economisch systeem afhankelijk.

Een bonus verdien je als je een goede prestatie hebt geleverd en je de afgesproken resultaten hebt gehaald. Ik heb zelf jarenlang met bonussystemen gewerkt, maar ik heb nooit meer dan mijn eigen jaarsalaris aan bonus ontvangen, omdat het altijd een percentage van dat jaarsalaris betrof. Maar waarschijnlijk ben ik niet zo gewiekst als de bankiers die natuurlijk perfect met geld om kunnen gaan, want dat is tenslotte hun vak.

Hoezo goede prestaties? Citigroup leed in 2008 een verlies van 28 miljard dollar en kreeg 45 miljard dollar staatsteun. Toch werd er voor een bedrag van 5,3 miljard dollar aan bonussen uitgekeerd. Waarvan 696 medewerkers zelfs meer dan 1 miljoen dollar ontvingen! Hoe kan dit? Citigroup is niet het enige voorbeeld. Een aantal Amerikaanse banken maakten nog wel winst maar keerden totaal meer bonussen uit dan de behaalde winst. En ook in Europa krijgen veel bankiers al weer dikke bonussen terwijl de kredietcrisis nog lang niet over is en het economische systeem op haar grondvesten staat na te schudden.

De openbare aanklager van New York onderzocht de uitgekeerde bonussen over 2008 bij de negen banken die overheidssteun kregen. Zij vonden nagenoeg geen verband tussen de prestaties van de bankiers en de uitgekeerde bonussen. “Resultaten uit het verleden geven geen garantie voor de toekomst.” staat er zo braaf onderaan advertenties van banken. Voor de bankiers gaat deze waarschuwing blijkbaar niet op. De beurshandelaren die vaak forse transacties doen vinden dat ze recht hebben op een deel van de opbrengst. Dit denken heeft, volgens Kees Cools, hoogleraar corporate finance in Groningen, het hele beloningssysteem binnen banken aangetast.

Dat ondernemers veel geld verdienen als ze het goed doen is bekend en terecht. Zij lopen tenslotte risico, veelal met hun eigen vermogen als inzet. Zij kunnen failliet gaan waardoor ze vaak privévermogen en zelfs het huis waar ze in wonen verliezen. Maar bankiers zijn maar gewoon loonslaven. Welk risico lopen zij als het wat minder gaat? Ze raken hooguit hun baan kwijt, wat nogal makkelijk gaat in de Angelsaksische landen. Maar door het soepele ontslagrecht hebben ze zo weer een nieuwe baan. Maar in ons land lopen de dik betaalde bankiers nagenoeg geen risico. Dus waarom dan die hoge bonussen?

Als reden voor hoge salarissen en dito bonussen wordt maar al te gauw aangegeven dat voor kwaliteit betaald moet worden. Men moet op een krappe arbeidsmarkt kunnen concurreren. Volgens Heleen Mees ontbreekt het aan zelfreinigend vermogen in het old boys netwerk, dat alleen maar bezig is zichzelf in stand te houden. Als de bank Lehman Brothers Lehman Sisters had geheten was het volgens haar nooit failliet gegaan.

Gillian Tett, een verslaggever van de Financial Times, schreef een boek over het ontstaan van de kredietcrisis. Hij maakt gehakt van de gokkende en feestende bankiers van JP Morgan, veelal jonge ambitieuze mannen. Hij houdt ze met hun scrupuleus gedrag voor een groot gedeelte verantwoordelijk voor het ontstaan van de kredietcrisis. Tijdens luxueuze “heisessies” bedachten ze het ene na het andere financiële product waaronder de “credit derivatives” die rap werden gekopieerd door de andere banken. Het begin van de ondergang.

Natuurlijk kunnen we niet alle schuld van de kredietcrisis bij de bankiers leggen. Sinds het loslaten van onze ideologische denkbeelden, onze religieuze structuren en onze heldere en duidelijke door onze ouders uitgestippelde levenspaden, zijn we op zoek gegaan naar nieuw houvast. Dit houvast lijken we gevonden te hebben in materiële en financiële middelen. Hiermee kunnen wij onze behoefte aan vrijheid veiligstellen en komt het zwitserlevengevoel binnen handbereik. We zijn echter doorgeslagen in het consumeren. Lekker gemaakt door allerlei financiële constructies als beleggingshypotheken, aandelenlease, fiscale voordelen, heeft onze hebzucht extreme proporties aangenomen. Het moest een keer fout gaan.

Maar hebben we er wat van geleerd? Nee dus! De bankiers zien hun bonussen al weer gloren en als de beurskoersen weer opkrabbelen gaat de consument straks weer vrolijk verder met consumeren. Het is dan alleen nog maar wachten op de volgende kredietcrisis.

maandag 3 augustus 2009

Het juk van de religie

Om het begin van de schoolvakantie te vieren gingen we gezellig een dagje met onze kinderen naar de Efteling. Bij binnenkomst in het park werden we geconfronteerd met een gezin waarvan de vrouw volledig gesluierd en in het zwart gekleed was inclusief handschoenen en dichte schoenen, alleen haar ogen waren onbedekt. Man en kinderen liepen in korte broek en blote armen. “Mamma, heeft die mevrouw het niet erg warm?” vroeg een van onze kinderen. Tja, hoe leggen we dat nu met goed fatsoen uit?

Arme vrouw, dacht ik bij mijzelf. Ik stelde mij voor hoe ze in de Python en in de Vliegende Hollander zou gaan. Maar wellicht laat ze die aan zich voorbij gaan. Zal ze zelf wel genieten van zo’n dagje Efteling? Waarschijnlijk wel, want zij kijkt toe hoe haar gezin geniet en dat is wat telt. De vraag van mijn zoon negerend, om de pret niet te drukken, zijn we op pad gegaan. Daar kom ik op later meer geschikt moment wel bij hem op terug. Wat hebben de jongens gelachen toen ik bij de Piranha de volle laag kreeg en nat was tot op mijn onderbroek…..

Geïntrigeerd door de steeds meer in onze samenleving opdoemende islam kijk ik een paar dagen later naar de boeiende reportage De weg naar Mekka van de Belgische tv-maker Jan Leyen. In deze laatste aflevering van een serie van tien probeert Leyen zelf in Mekka te komen, wat hem als niet-moslim niet lukt. Hij constateert dat iedereen die gelovig of niet-gelovig is het Vaticaan het hart van het christendom mag betreden, maar dat alleen de aanhangers van de islam Mekka mogen bezoeken. Ook onderzoekt hij de rol en de positie van de vrouw in de islam. Hij voerde een aantal boeiende gesprekken waaronder die met een tot de islam bekeerde Amerikaanse vrouw uit Saudi Arabië.

Terwijl bij de vrouw in de Efteling, die een niqaab droeg, de ogen nog zichtbaar waren, droeg deze Amerikaanse-Saudische vrouw een burqa waarbij zelfs de ogen door een gaasje zijn bedekt. Een interview met haar alleen was niet mogelijk. Haar man legde uit dat de islamitische vrouw het heel goed heeft, er wordt goed voor haar gezorgd, ze is veilig en ze hoeft zich nergens zorgen over te maken. Op een heel timide toon gaf de vrouw toe dat ze zich veilig en beschermd voelde, maar dat haar Amerikaanse familie haar eigenlijk ook niet begreep. Ze klonk niet echt overtuigend en dus maakte zij op mij geen gelukkige indruk, voor zover dat waarneembaar was achter de sluier.

Een meewarig gevoel van verdriet en medelijden dringt zich aan mij op bij dergelijke beelden. Ik moet accepteren dat religie bepaalde gebruiken en uitwassen kent die de mijne niet zijn, maar moeilijk is het wel. Temeer omdat ik zelf het juk van de religie heb afgeworpen. Want ook in onze eigen kring en onze eigen religie kunnen we er wat van. Komende uit een zeer religieus nest weet ik dat het, vooral voor vrouwen, een beknelling kan zijn en dat de druk van de familie groot is. Toen mijn moeder trouwde moest ze stoppen met werken en eigenlijk had mijn vader graag hetzelfde bij mij gezien. Om mij heen zie ik nog steeds vrouwen die de druk niet kunnen weerstaan of de strijd niet aan willen gaan.

Jarenlang als ik op zondagochtend de kerkklokken hoorde luiden dook ik diep weg onder de dekens om het niet te horen. Het gevoel van schuld heb ik pas na jaren los kunnen laten. Bij sommige familieleden moet ik mij verdedigen waarom ik niet meer naar de kerk ga. Ik geloof, maar wel op mijn eigen manier. Ik geloof niet in het instituut kerk en niet in de religie met al haar dogmatiek. Religie beklemt. Omwille van de religie worden de meeste oorlogen gevoerd en worden heel veel mensen vermoord. Terwijl het bij religie juist gaat om liefde voor het hogere en vredelievendheid voor al wat leeft.

Door de toenemende zichtbaarheid van religie in onze samenleving lijken tegenstellingen zich te verharden. Er is steeds meer strijd tussen verschillende religieuze groeperingen. Toch kunnen we constateren, hoe paradoxaal dat ook klinkt, dat de mensheid wereldwijd emancipeert. De strijd en de chaos die daaruit ontstaat is slechts een stuiptrekking voor een nieuw evenwicht dat gevonden moet worden. Een evenwicht waarbij iedereen in een multiculturele samenleving zichzelf kan zijn.

Gelukkig zijn we in het Westen al een heel eind opgeschoten met de vrijheid van meningsuiting, recht op geloof en gelijke rechten voor de vrouw. Het is nog niet eens zo heel lang geleden dat vrouwen als handelingsonbekwaam gezien werden. Pas sinds een wetswijziging in 1956 mag de gehuwde vrouw ook zelfstandig rechtshandelingen verrichten. En wist u dat vrouwen in Nederland pas sinds 1922 kiesrecht bezitten, tot grote ergernis van de Staatkundig Gereformeerde Partij die daar nog steeds tegen is.

Het is alleen jammer voor de islamitische vrouwen, zij hebben helaas nog een lange weg te gaan. Jammer ook dat ze niet net als hun kinderen ongeremd kunnen genieten, want niets is leuker dan tijdens een dagje Efteling je weer helemaal kind te voelen.

donderdag 30 juli 2009

Ieder pondje plakt aan ‘t kontje

Dit zei laatst iemand tegen mij tijdens het naar binnenwerken van een vette hap, terwijl ik een gezond appeltje stond te eten. Zij was zich maar al te goed bewust van het feit dat ze het maar beter kon laten, maar ja de verleiding was té groot. De titel van deze column zou een leuke reclameslogan kunnen zijn, al weet ik niet voor welk product.

Mensen die goede reclamecampagnes bedenken bewonder ik zeer, want ik kan het niet. Ik werd onlangs uitgenodigd via een persoonlijke brief voor een gesprek met de directeur van een reclamebureau. Naast de brief bevatte de enveloppe ook een gebaksvorkje en de brief zelf was voorzien van een illustratie van een uitnodigend stuk taart. “Als u voor de koffie zorgt komen wij met gebak en kunt u proeven hoe onze aanpak smaakt” was de strekking van de boodschap. Erg creatief en leuk gevonden.

Reclame die past bij de ontvanger
Een paar dagen later werd ik keurig gebeld of ik de brief had ontvangen en of de directeur een keertje langs mocht komen. Eerlijk gezegd was de gebaksvork al in de besteklade verdwenen en de brief in het ronde archief. Omdat ik een zeer gematigd eter ben, zeker tijdens het werk, zat te niet te springen om een gratis stuk taart en ook heb ik geen behoefte aan een reclamebureau, dus heb ik het verzoek resoluut doch vriendelijk afgewezen. Maar met hun creatieve aanpak hebben ze zich wel bij mij op de kaart gezet.

Een paar weken later tijdens een netwerkbijeenkomst ontmoette ik toevallig alsnog de betreffende directeur van het reclamebureau. Hij gaf daar een presentatie over online marketing. De man had een fikse buikomvang en scheurde zowat uit zijn overhemd en omdat het nogal warm was liep hij behoorlijk ongezond te hijgen. Hij had blijkbaar heel wat bezoeken afgelegd de achterliggende weken en klaarblijkelijk wat veel taartjes gegeten. Waarschijnlijk had hij zijn hobby met zijn werk gecombineerd. Ik kon ineens geen enkele waardering meer opbrengen voor de marketingcampagne. Mij stelde dat direct voor een enorm dilemma.

Kosten voor de gemeenschap
Ik ben adviseur en mijn adviezen gaan verder dan het werk. Mij gaat het om de menselijke maat en dat betekent niet alleen dat we goed met ons personeel en collega’s moeten omspringen, maar zeker ook goed voor onszelf moeten zorgen. Vitale en gezonde mensen zitten lekkerder in hun vel en presteren beter. De man van het reclamebureau richt zichzelf op deze manier te gronde. Zijn bedrijf vaart er wellicht wel bij maar hij zelf niet. Maar hoe kan ik dat nu met goed fatsoen bij hem onder de aandacht brengen?

Obesitas vormt steeds meer een toenemend gevaar voor de volksgezondheid. Het kan namelijk leiden tot hart- en vaatziekten, diabetes, gewrichtsproblemen en zelfs tot kanker. Naar schatting 35% van de Europese bevolking kampt met overgewicht. Een serieus probleem waar het Europees Parlement speciale aandacht voor vraagt. In een onlangs gepubliceerd rapport in de VS wordt gesteld dat de consequenties van zwaarlijvigheid ongeveer 10% van de totale medische kosten bedraagt, zo’n 103 miljard dollar. Vooral bij kinderen neemt het aantal dat te dik is sterk toe, een ernstig probleem voor de toekomst, zeggen deskundigen. Toch wordt overgewicht nog steeds niet als een echt probleem beschouwd, terwijl de gevolgen gelijk zijn aan dat van roken.

Aanpassen van de levensstijl
Het is in ons dagelijks leven beslist niet eenvoudig om gewicht te verliezen of op peil te houden. Onze cultuur wordt bepaald door het vrijemarktprincipe waarin genot en gemak een belangrijke rol spelen. Fastfood vormt hierin een belangrijk onderdeel en de reclame speelt daar driftig op in. Er zal een mentaliteitsverandering en een aanpassing van de levensstijl nodig zijn om het tij te keren. Hier ligt een belangrijke taak voor de overheid weggelegd door het geven van goede voorlichting. Maar vooral ligt er een belangrijke uitdaging voor de voedingsmiddelenindustrie om gezondere voeding te produceren. Ook bij ouders ligt een opvoedende en voorbeeld gevende taak.

Omdat de man van het reclamebureau mij tijdens zijn presentatie een paar goede tips aan de hand deed over online marketing heb ik besloten wat terug te doen. Ik heb hem een briefje gestuurd met wat tips over gezond en vitaal leven. En als hij behoefte heeft aan een persoonlijk gesprek dan ben ik daar altijd toe bereid onder het genot van een kopje koffie “zonder” of een glaasje mineraalwater.

Tips voor een gezond voedingspatroon:
· Bewuster en minder eten;
· Meer gezonde voeding;
· Minder gemaksvoeding;
· Beperk de tussendoortjes;
· Drink voldoende water;
· Matig met zout, suiker, vet en alcohol;
· Voldoende bewegen (pak wat vaker de fiets in plaats van de auto = ook goed voor het milieu);
· Doe eens een keer een vastenkuur (wel onder deskundige begeleiding).
.

donderdag 9 juli 2009

What have we done to the world

Dit zingt Michael Jackson in zijn aangrijpende nummer “Earth Song”, een aanklacht tegen de uitbuiting en de teloorgang van onze planeet. Maar we kunnen ons eveneens afvragen: Wat heeft de wereld Michael Jackson aangedaan?

Een geweldige zanger, danser, entertainer is niet meer. Wie is er niet opgegroeid met zijn muziek? Wie heeft er niet gekeken naar zijn imposante videoclips en gedanst op zijn muziek? Hij mag met recht de King of Pop genoemd worden. Maar helaas zijn flexibele benen konden de weelde niet aan.

Lang voor de duurzaamheidhype van Al Gore, is door velen de manier waarop we met onze planeet aarde omgaan aan de kaak gesteld. Ook Michael Jackson heeft dat al begin jaren ’90 gedaan. Met nummers als Heal the World en Earth Song heeft hij aandacht gevraagd voor de exploitatie en uitbuiting van onze planeet.

In de videoclip van Earth Song wordt op indringende wijze getoond hoe verkeerd wij bezig zijn. Wij doden onschuldige dieren. Olifanten slachten we af voor ivoor, zeehonden voor hun huid en walvissen voor hun levertraan en vet. We kappen oerbossen en verdrijven hele volksstammen uit hun natuurlijke habitat. We voeren oorlog waarbij kinderen sneuvelen. En we onttrekken enorme hoeveelheden natuurlijke hulpbronnen aan de aarde en putten daarmee onze grond uit. We hebben onze atmosfeer aangetast en vervuilt. En dat alles om onze welvaart te vergroten.

We zijn doorgeschoten in onze zoektocht naar materiële welvaart. Consumeren is het adagium van onze tijd. Onze moeder aarde is echter geen onuitputtelijke bron, maar een levend organisme in nood, waar terecht aandacht voor wordt gevraagd. Maar het is niet alleen onze aarde die ten onder gaat, de mensheid heeft niet alleen zijn leefomgeving aangetast, maar ook zichzelf.

De druk die wij mensen onszelf, maar vooral ook de iconen van onze tijd opleggen, is beknellend en zelfs vernietigend. De cultuur die wij hebben ontwikkeld, het door de media opgedrongen schoonheidsideaal, is schadelijk. Wij moeten eeuwig jong blijven, ons mooier voordoen dan we zijn en we doen er alles aan om dat te bereiken. Zelfs als we onszelf moeten verminken.

Was Michael Jackson als gewone jongen door het leven gegaan dan was hij waarschijnlijk niet op deze tragische wijze aan zijn einde gekomen. Al vroeg in zijn leven is hij geëxploiteerd ten koste van zijn kind zijn en ten koste van zijn vrijheid. Neem daarbij het feit dat nooit eerder een zwarte artiesten zo populair is geweest. Is het raar dat hij een totaal verkeerd beeld van zichzelf heeft gekregen?

Racisme en onderdrukking heeft een collectief geheugen. Het gevoel anders te zijn, er niet bij te horen, het gevoel van inferioriteit is bij bepaalde groepen mensen diep verankerd. Michael Jackson heeft dat gevoel helaas vertaald naar de buitenkant en door zijn succes heeft hij de mogelijkheden gehad daar wat aan te doen. En waarschijnlijk heeft gebrek aan liefde en respect van zijn familie, die hem op een bepaalde manier heeft uitgebuit, daar ook geen goed aan gedaan. Het trieste is dat medici zijn meegegaan in zijn gevoel. Wat zijn dat voor artsen die meegaan in dergelijke waanbeelden. Een psychiater was meer op zijn plaats geweest dan een plastisch chirurg.

De mensheid heeft zichzelf in een spagaat gemanoeuvreerd, want enerzijds maken wij onszelf tot eenheidsworst en willen we net zo zijn als ieder ander. Maar op hetzelfde moment willen we anders en vooral uniek zijn, met excessen als gevolg. Bij Michael Jackson nam dit een weerzinwekkende vorm aan, waaraan hij uiteindelijk ten onder is gegaan. Het gedrag en de waanzin van Michael Jackson is onze cultuur geworden. Als we zo door gaan richten we niet alleen onze planeet, maar ook onszelf te gronde. We moeten ons serieus afvragen: “Wat heeft de wereld Michael Jackson aangedaan?”